Meteen workshop boeken:
+31 (0) 618 367 125

Geschiedenis Papierknipkunst

Knipkunst is haar plaats in de kunstgeschiedenis waard. Toch is over de geschiedenis van de knipkunst nog veel onbekend. In het kwartaalblad Knip-Pers wordt er door het echtpaar Verhave al meer dan dertig jaar aandacht aan besteed. Die kennis kwam samen in een rijk geïllustreerd boek, Geknipt! (Zutphen, Walburg Pers, 2008). De documentatie van vondsten van tot nu toe onbekend knipwerk gaat steeds door.

 

Personen die oude knipkust bezitten (bijvoorbeeld in de familie overgeleverd) beginnen steeds meer de charme van hun bezit te waarderen en vragen om informatie, advies of restauratie. En als er zo nu en dan knipwerk op de markt komt, zien ook veilingmeesters en antiquairs de aantrekkelijkheid ervan en waarderen het navenant. Knipkunst kan daarmee zelfs een verzamelobject worden. Het is goed als dit erfgoed in Nederlands bezit blijft.

 

 

Lang niet altijd signeerden knippers hun werk. Omdat er in de Nederlandse knipkunst geen streekgebonden stijlen zijn ontwikkeld, zoals wel in de streekdrachten het geval was, kunnen we een knipper alleen aan zijn of haar persoonlijke stijl herkennen. Wanneer zo’n anoniem stuk het enige is dat van die hand bekend is, zal het niet het eerste en enige werkstuk van de kunstenaar zijn geweest.
In 2017 verscheen een boek over zulke anonieme knipsels uit de 17e-19e eeuw en hun opdrachtgevers: Onbekend en ontroerend erfgoed. Tijdsbeelden geknipt door anonieme kleinkunstenaars. Het helpt om stijlen te vergelijken, maar het kan ook knippers van nu inspireren.
In tegenstelling tot particulier bezit is knipwerk in onze musea geregistreerd. Twee musea hebben een grote collectie, het Westfries Museum (Hoorn) en het Nederlands Openluchtmuseum (Arnhem). Op kleinere schaal heeft het Museum voor Knipkunst te Westerbork een charmante verzameling. Verder worden er in een aantal musea één of enkele oude knipwerken bewaard.

 


De onzichtbaarheid van het bezit aan knipkunst voor het publiek (depots!) gaat hand in hand met het ontbreken van de bekendheid en deskundigheid onder kunsthistorici. Nu er, mede dankzij enthousiasme vanuit de Vereniging, enkele musea het aandurfden om een tentoonstelling van oude en/of nieuwe knipkunst in te richten (Museum Edam, 2013-‘14; Museum Willet-Holthuysen Amsterdam, 2015; Museum Heerenveen, 2016), wordt duidelijk hoe het publiek dit ambacht bewondert en waardeert.
De Vereniging heeft zelf niet als doel om te verzamelen, maar zij stimuleert particulieren en musea om oud en nieuw knipwerk als materieel erfgoed te verwerven, veilig te stellen en te documenteren.

 

 

 

De Vereniging wil, samen met de Verhaves de bekendheid met knipkunst als materieel en als immaterieel erfgoed bevorderen en helpen om de geschiedenis te ontdekken. De Verhaves zijn graag bereid om hun ervaring en deskundigheid te delen met particulieren en met museumdirecteuren en -conservatoren. Dat doen ze nu al voor het Museum van Knipkunst te Westerbork. Ze geven lezingen en workshops en adviseren bij het opzetten van een tentoonstelling. Ze kunnen ook onderwerpen aanreiken voor, en studenten helpen bij afstudeeropdrachten.

Het bovengenoemde boekje kost € 20 inclusief verzending.
Contact via de secretaris van de NVvP (secretaris@papierknipkunst.eu).

Deze winkel is in testmodus. Orders worden nog niet verwerkt.